LL2 – Dorpsperikelen – De café- uitbaatster

De eerste middag na aankomst in Pouydessaux maak ik een kleine wandeling. Het is te warm om je echt in te spannen. “Als je naar Sophie gaat, doe haar de groeten”, verzoekt Étiennette mij. Sophie is hier de uitbaatster van het ‘café’. Ze komt oorspronkelijk uit Lille, heeft een contract voor negen jaar getekend. Begin volgend jaar is haar contract afgelopen en gaat ze weer terug naar de ‘wereld’.

De ene kant

Ik denk ‘Ik duik maar meteen in het dorpsgebeuren’ en stel me voor. Ik ben de enige klant.

Het wordt een geanimeerd gesprek, waarbij Sophie vooral aan het woord is. Fransen horen zichzelf graag praten. Er gebeurt niets in dit dorp dus elke passerende auto is een belevenis. Onze hoofden draaien automatisch richting het geluid op. Er zijn vast wel een stuk of vier zijn voorbijgekomen op deze zondagmiddag in de zinderende hitte!

Bijna voorbij

Sophie is eigenlijk wel blij dat haar termijn erop zit. “Ik ben dol op al die oudjes, maar er gebeurt hier echt niks! De mensen uit Les Landes, vindt ze koud, afstandelijk, maar ze is dol op haar gasten die zij op handen draagt. Vooral alleenstaanden komen voor een praatje. Soms niet één keer per dag, maar twee of drie keer dagelijks. En als ze niet kunnen komen, kondigen ze dat aan. Als Sophie iemand een vaste klant een paar dagen niet gezien heeft, neemt ze contact op. “De dorpsbewoners zelf kijken niet naar elkaar om”, vindt zij. “Ik heb me nooit opgenomen gevoeld in dit dorp. Hoe dat komt? Het is gissen, maar ik denk dat het komt omdat ik een alleenstaande vrouw ben EN dit café run.” E. is één andere dorpelingen op wie ze dol is. Ze noemt haar zelfs ‘maman Étiennette’.

De andere kant

Tijdens één van mijn gesprekken met E. komt Sophie ter sprake. Dan hoor je een andere kant van het verhaal.

E. vindt haar enorm eigenwijs. “Nooit neemt ze een advies van een ander aan. Ze doet veel te weinig met haar café om mensen aan te trekken, zich commerciëler op te stellen.” E. heeft haar vaker gesuggereerd haar café een beetje leuk aan te kleden, wat gezelliger te maken dan het witte, veel te cleane uiterlijk dat het nu uitstraalt. Een gevarieerder aanbod van eten te maken. “Allerlei dingen zijn mogelijk, maar nee, ze luistert nooit”, volgens E.

Paul bereidt de mosselen voor het café van Sophie.

Mosselen

Toch gebeurt er wel wat. Deze vrijdagavond is er een mosselenmaaltijd met frites. De tafel is gevuld met veel mannen en een enkele vrouw. Wat zal ik zeggen? Niet mijn ding. Ik houd niet van mosselen en de gesprekken kan ik óf niet volgen óf ze zijn voor mij volstrekt oninteressant. Het valt mij op dat één van die mannen zeker een fles wijn in zijn eentje weg tettert. “Ach ja, dat is een alcoholist. Die dronk al zoveel toen hij nog werkte op de militaire basis in Mont-de-Marsan”, vertelt E. droogjes.

Roddelen

Sophie kletst teveel over de mensen. “Moet je niet doen hè in zo’n klein dorp. Iedereen weet dat meteen als je roddelt.” Ze kan ook slecht met de plaatselijke gewoontes omgaan, aldus E. Zo heeft een jager haar eens twee vers geschoten vogels cadeau gegeven. Dat vond ze echter zo vies, dat ze de vogels met veel aplomb geweigerd heeft. ‘Neem maar mee terug,’ had ze gezegd. Zo dom, vindt E. Accepteer die beesten gewoon en kijk later wat je ermee doet. Geef ze weg of zo, maar weiger niet in iemand zijn gezicht. Die jager was natuurlijk diep beledigd.

Ook had ze eens iemand gevraagd een verse kip mee te nemen. Die kwam, met kop en al, dat is namelijk de gewoonte hier. Ook dat vond ze zo onsmakelijk dat ze die kip in de poubelle heeft gegooid. “Moet je vooral doen als je dat vies vindt”, is de mening van E., “maar wees zo wijs dat niet rond te bazuinen. Zo maak je geen vrienden.”

Plaats een reactie