LL8 – Waar is het ziekenhuis!

Mijn bezoek in Dax zit erop. Het wordt tijd om naar het ziekenhuis terug te lopen waar ik met E. in de taxi terug mag naar P. Voor de zekerheid vraag ik haar nog even het adres.

Ruim van tevoren plan de terugweg in, die ongeveer 20 minuten duurt. Zo kan ik op mijn gemak rondkijken en eventueel een keer of wat een verkeerde afslag nemen zonder te laat aan te komen.

Prachtige wijken doorkruis ik. Sommige huizen zijn echt een lust voor het oog. Ik houd zo van naar huizen kijken en daarbij soms weg te dromen. Zo langzamerhand nader ik mijn einddoel en ik denk ‘dit is niet het ziekenhuis van daarnet, écht niet’. Ik raak lichtelijk in paniek, want hoewel ik ruim gepland heb, als ik ergens anders beland en niet weet waar ik wel moet zijn… ‘.

Onbereikbaar

E. is onbereikbaar. Ligt ergens onder een scanner of zoiets. Ik zie een soort kliniek en vraag of zij weten waar dit ziekenhuis is. “Dat bestaat niet meer mevrouw”. “Huh? Ik moet de afdeling oncologie hebben, weet u dat dan?” “Geen idee mevrouw”,  en ze kijkt me de deur uit. Ik loop weer naar buiten en zie nog een soort ziekenhuisafdeling verderop in de straat. Daar zijn ze gelukkig iets toeschietelijker. ”Ze hebben de naam van het ziekenhuis veranderd, vandaar dat u verkeerd zit.” Ze geeft me het juiste adres. ”. Ik kijk op google en blijk aan volstrekt de andere kant van de stad te zitten. Buiten stapt een mevrouw in een auto. Brutaal vraag ik haar of ze toevallig in de richting van het ziekenhuis rijdt? Helaas, pindakaas.

Half uur!

Het blijkt nog een half uur lopen, terwijl ik er over 10 minuten moet zijn. Op zich zou het niet erg zijn om te laat te zijn, ware het niet dat bij het ziekenhuis een taxi op bestelling staat te wachten. Ik zet de pas erin. Het is niet heel erg heet, maar mijn lijf wordt dat vanzelf vanwege de stress. Ondertussen kijk ik of E. al mijn berichtje heeft gezien. De vinkjes zijn nog wit. Nee dus. Gelukkig is de terugweg snel te vinden, maar ik zie de minuten voorbij tikken. Zolang E. niet reageert, heb ik nog de tijd. Ik kom weer terug bij mijn startpunt in de stad. Vandaar uit is nog een kwartier lopen. Net als ik voor de poort van het ziekenhuis sta, belt ze me. Poeh, net op tijd aangeland. Mijn oksels klotsen. Dwars door het ziekenhuis moet ik en aan het einde van de gang komt de taxichauffeur me tegemoet. “Geen stress”, roept hij. “Je bent er. Iedereen is klaar voor vertrek en je bent op tijd”.

Maar hoe komt het nou dat ik verkeerd ben gelopen? E. blijkt oud briefpapier in handen te hebben gehad, met de vroegere naam van het ziekenhuis. Vandaar dus….

Plaats een reactie